School: Latijnse School, Gemert

Uit Erfgoedwiki
(Doorverwezen vanaf Latijnse School)
Ga naar: navigatie, zoeken

Latijnse School

In 1587 werd de Latijnse School geopend in Gemert. Hier konden de inwoners, zoals de naam al zegt Latijn volgen, naast vakken als etymologica, syntaxis poësis en later ook retorica. Godsdienst was ook zeer belangrijk op de school en veel oud-leerlingen gingen dan ook door naar Leuven om theologie te studeren. Men kende daar zelfs een studentenvereniging voor studenten uit Gemert. In 1891 is de school gesloopt en vervangen door het huidige gebouw. In 1969 moet de school uiteindelijk zijn deuren sluiten. Nu wordt het gebouw gebruikt als Historisch Informatiehuis "De Latijnse School", een samenwerkingsverband van het Gemeentearchief Gemert-Bakel en Heemkundekring ' De Kommanderij Gemert'. Bij de aanleg van een archiefkelder is een archeologische opgraving verricht.

De Latijnse School in Gemert. Fotograaf: Norbert van Onna, Collectie Gemeentearchief

Geschiedenis

Landcommandeur van de Duitse Orde te Alden Biezen, Hendrik van Ruijschenbergh, sticht in 1587 de Latijnse School van Gemert. Zoals uit de naam blijkt, is Latijn het hoofdvak. De leiding van de school is in handen van een priester van de Duitse Orde. De eerste rector is Albert Strijbosch, pastoor van Gemert. Hij is Gemertenaar van geboorte. Landcommandeur Van Ruijschenbergh stelt jaarlijks 10.000 gulden (ruim 4000 euro) ter beschikking voor twaalf studiebeurzen. Zes zijn bedoeld voor jongens uit Gemert en de andere zes voor kandidaten uit Sint-Pietersvoeren en Gruitrode. Dit zijn ook commanderijen van de Duitse Orde. Zij staan onder persoonlijk toezicht van de rector en mogen vier jaar blijven. In de eerste decennia van De Opstand (1568-1648) sterven veel Latijnse scholen een zachte dood of degraderen tot lager onderwijs. Niet de Gemertse Latijnse School. Het Latijn is het eenheidsprincipe op school waar heel het onderwijs om draait. De leerlingen bestuderen de twee figuren etymologica, syntaxis poësis en later ook retorica. De school is een groot succes: in de 17e eeuw kunnen vrijwel alle inwoners van Gemert schrijven. Veel leerlingen van de Gemertse school gaan studeren in Leuven, een groot aantal theologie. Het is dan ook niet verwonderlijk daar in 1728 de studentenvereniging “Congregatio Municipii Gemertanii” wordt opgericht. Vermoedelijk is Laurentius Keizer S.Th.B. een van de eerste leerlingen van de school. Hij wordt in 1621 de eerste president van het college te Leuven, dat eveneens door de Duitse Orde is gesticht.

Bij het 300-jarig bestaan van de school is het oude schoolgebouw gesloopt en het huidige pand met een rectorswoning opgetrokken. In 1891 is de bouw klaar. Boven de hoge toegangsdeuren staan de wapens van de stichter Hendrik van Ruijschenbergh met de wapenspreuk “Soli Deo Gloria” en van paus Leo XIII met de wapenspreuk “Lumen in caelo”. Eind jaren vijftig van de 20ste eeuw de school te klein geworden om de toeloop van priesterstudenten op te kunnen vangen. Bij de Gerarduskerk wordt een nieuwe school gebouwd en vanaf 1959 bloeit de Latijnse School als nooit te voren totdat de deuren in 1969 noodgedwongen worden gesloten wegens gebrek aan priesterstudenten.

Voor de monumentale Latijnse School aan de Ruijschenberghstraat breekt een onzekere tijd aan, als in 1959 de nieuwbouw klaar is. Er komt eerst een typemachineassemblagebedrijf in: Royal McBee en als het pand leeg staat in 1974, wordt het door jongeren gekraakt. Zij maken er een jongerensoos van “De Rode Lantaarn”. Vanaf 1977 is het gemeentearchief in de oude Latijnse School gevestigd en later ook de heemkamer van heemkundekring De Kommanderij Gemert. In 2006-2007 werden de school en de rectorswoning gerenoveerd en voorzien van een grote archiefkelder. Voor aanvullende informatie over de geschiedenis van de gemeente kunt u dan ook terecht in deze Latijnse school.

Fout bij het aanmaken van de miniatuurafbeelding: Het was niet mogelijk het miniatuurbestand op de doellocatie op te slaan.